In 2025 kregen 719.000 ouders kinderopvangtoeslag voor bijna 1,1 miljoen kinderen. De opvang kostte hen gemiddeld € 10.510 per jaar. Daarvan vergoedde de overheid 68 procent; in 2024 was dat 65 procent en in 2023 64 procent. Dat blijkt uit de Landelijke Jeugdmonitor van het CBS, op basis van cijfers van de Belastingdienst.
Waar het eigen deel uit bestaat
Gemiddeld betaalden ouders € 3.340 zelf. Het grootste deel daarvan, € 2.860, is de gewone eigen bijdrage over het deel van het tarief dat de overheid meetelt. De rest, € 480, is het stuk boven de maximumuurprijs. Opvangorganisaties bepalen hun tarief zelf, en alles boven het maximum betaal je volledig zelf.
63 procent van de toeslagontvangers betaalde in 2025 voor minstens één kind meer dan de maximumuurprijs. In Utrecht en Noord-Holland kwam dat het vaakst voor, in Friesland en Groningen het minst. In gemeenten als Nunspeet, Bloemendaal, Houten en Midden-Delfland ging het om bijna negen op de tien ouders; op Ameland om minder dan één op de tien.
Inkomen bepaalt het meest
Ouders in de laagste inkomensgroep betaalden gemiddeld € 1.190 zelf, 11 procent van de kosten. In de hoogste inkomensgroep was dat € 5.950, ofwel 51 procent.
Meer kinderen naar kindercentra, minder naar gastouders
Het aantal opgevangen kinderen groeide in 2025 met 11.000, volledig bij kindercentra. Ruim 520.000 kinderen gingen naar de dagopvang en 575.000 naar de bso. Gastouders vingen juist minder kinderen op: 64.000 in de dagopvang (6.000 minder dan in 2024) en 31.000 buitenschools (4.000 minder).
Wat je hiermee doet
Kijk bij een locatie niet alleen naar het uurtarief, maar naar het verschil met de maximumuurprijs. Dat verschil betaal je altijd zelf.
Reken je situatie door met de rekenhulp op Kinvo; die rekent met de maximumuurprijzen van 2026.
Kinvo vat het nieuws samen voor ouders. Het volledige bericht lees je bij de bron.