Op 5 augustus 2026 bleek tijdens een pro-formazitting dat de zaak tegen Jan B. is uitgebreid naar veertien kinderen. De man werkte als invalkracht op verschillende kinderdagverblijven, onder meer in Amsterdam. Hij werd in november 2025 aangehouden na een aangifte van de vader van een tweejarig meisje; het zou zijn gebeurd op zijn eerste werkdag op die locatie. Het OM meldde in maart 2026 dat er nog twintig meldingen waren binnengekomen. De inhoudelijke behandeling wordt in de tweede helft van 2027 verwacht.
Waarom de VOG niet hielp
B. was eerder op non-actief gesteld bij een opvang in Huizen na meldingen van ongepast gedrag, maar kon daarna bij andere locaties aan de slag. Omdat er geen strafrechtelijk onderzoek liep, bleef zijn Verklaring Omtrent het Gedrag gewoon geldig. Dat is een van de punten waar de sector nu naar kijkt.
Wat de sector doet
Brancheorganisatie Kinderopvang, BMK, oudervereniging BOinK en BVOK hebben samen met Partou, Samenwerkende Kinderopvang en GMK, de organisaties waar de verdachte werkte, een taskforce opgericht. Die onderzoekt wat werkgevers zelf kunnen doen om risico's te verkleinen, en waar afspraken op sectorniveau of regels van de overheid nodig zijn.
Wat je zelf kunt vragen
Hoe gaat de opvang om met invalkrachten: worden referenties bij vorige werkgevers nagevraagd?
Werkt een nieuwe medewerker de eerste periode nooit alleen met kinderen (het vierogenprincipe)?
Hoe en bij wie kun je als ouder een zorg melden, en wat gebeurt er dan mee?
Kinvo vat het nieuws samen voor ouders. Het volledige bericht lees je bij de bron.